In de editie 1994 werd beschreven, hoe Neelie Schouten de wielrenner Ton Gieske het KNWU reglementenboek 'voor zijn neus hield', toen Ton - na een zware klassieker - met zijn handen in de lucht over de streep ging. Waarschijnlijk werd nog nimmer in de Nederlandse wielerhistorie een reglement zo letterlijk toegepast. Ton lag minstens twintig meter voor het peloton, maar werd gedeklasseerd. Een renner moet - volgens het reglement - zijn handen aan het stuur houden. In ons betoog (WE'94 - pag.112) zochten wij naar de redenen waardoor een jurylid gedreven kan worden, om een moegestreden wielrenner de vernieling in te trappen en te beschadigen als sportman. Er kunnen talloze redenen zijn en wij schetsten daar een beeld van. Neelie kon dit blijkbaar niet waarderen, want op een regenachtige dag in december (hoorde Neelie toen pas over die afschuwelijke aantijgingen?) kwam de politie aan de deur in de Talmastraat 2 te Zwanenburg. Neelie had een aanklacht 'wegens smaad' ingediend. Een gerechtelijk onderzoek zou volgen.
Mijn vrouw belde op naar mijn werk: 'De politie is aan de deur geweest. Het ging om een proces-verbaal uit Assen'. Ik kon me niet herinneren recentelijk in de buurt van Assen geweest te zijn. De laatste maal dat ik daar langs reed, was toen ik voor een interview op weg was naar Piet Hoekstra. 'Ja, het gaat over een verhaal in de Wielerexpress. Een mevrouw Neelie Schouten heeft een klacht ingediend. Toen wist ik exact wat er aan de hand was.
De andere dag mocht ik een verweerschrift indienen op het politieburo in Zwanenburg. Ik had dit zelf reeds op papier gezet en de dienstdoende agent Vogelenzang was daar content mee. Hij moest - enigszins ingehouden - lachen om de affaire. Op zijn buro lag een zeer uitvoerig proces-verbaal, opgemaakt door de politie in Assen. Daar was veel tijd in geïnvesteerd. ook agent Vogelenzang moest tijd aan mij besteden en ik moest weer 'iets eerder naar huis', om op tijd op het politieburo te zijn. De rechter zou mijn verweerschrift bekijken en daarna besluiten of er al of niet een proces tegen mij begonnen zou worden. Tel de (ambtelijke) uren van dit hele ritueel eens bij elkaar op. Door Neelie blijven er weer boeven uit de gevangenis, want daar heeft de politie door dit soort gevallen, geen tijd voor.
Ik bladerde door het proces-verbaal. Het waren minstens drie pagina's. In prachtige volzinnen stond beschreven hoe liederlijk ik Neelie bejegend had. Op een gegeven moment las ik, dat 'Neelie reeds zestien jaar jurylid was, waarvan twee jaar in UCI-verband'. Waarschijnlijk is dit voor haar een excuus om iedere Goddeloze handeling te kunnen rechtvaardigen. Ik hoorde trouwens nog niet zo lang geleden, dat Neelie tot één van de hoogste juryleden behoort in Nederland. Zij is internationaal en dat zijn er maar een paar in Nederland. Neelie is dus geen tutje dat toevallig in dit mannenwereldje terecht is gekomen, neen, zij is een zelfstandige vrouw met een gezin...! Zij heeft zélf een plaats afgedwongen in de maatschappij.
De bedoeling van het betoog in WE'94, was om op satirische en spottende wijze, het gedrag van Neelie aan de kaak te stellen. Als je de - soms kolderieke - tekst letterlijk gaat lezen, tja, dan komt de essentie van het verhaal niet tot zijn recht. Neelie heeft dus gewoon niet begrepen waar het over ging. Zij denkt, dat ik écht van mening ben dat zij een levensgrote turbovibrator op haar nachtkastje heeft liggen en dat de lege batterijen bij haar ook werkelijk wraakgevoelens opriepen, die zij binnen het heterogene wielerwereldje wilde afreageren.
Heeft Neelie ooit wel eens een column gelezen. Daar worden bijtend en spottend zaken 'aan de orde gesteld'. Neelie moet functioneren in een belangrijke wereld, het is de wereld van het cyclisme. Daarin moet je bijzaken onderscheiden van hoofdzaken. Neelie kan dat niet, ondanks al haar UCI-diploma's. Dat zij zich laat verleiden (!) - door enkele onbenullige teksten in een marginaal boekje als Wielerexpress - om naar de politie te gaan, is absoluut onbegrijpelijk. Het is een smet op haar blazoen. Zij moet vanaf nu geweerd worden van alle buitenlandse koersen, want Neelie is volstrekt niet stressbestendig. Hoe kan zij nou zinnige beslissingen nemen - vaak in het heetst van het debat - als zij zich druk maakt over cabareteske teksten als: 'Zij heeft de allure van een DDR-vrouw en krijgt bij het ontnemen van de overwinning van Ton Gieske, spontane lekkere krampen in haar onderbuik' (Zo was ongeveer de tendens van het verhaal in WE'94). Het feit dat Neelie dit niet 'ter kennisgeving' kan aannemen, bewijst haar kwetsbaarheid in een wereld, waar menig toekomstperspectief van een renner beïnvloed kan worden, door een kwetsbaar (negatief) beleid van bovenaf! Neelie heeft waarschijnlijk een impulsieve beslissing genomen, zoals zij dat ook deed bij het deklasseren van Ton Gieske. Impulsieve beslissingen van juryleden kunnen vaak in het nadeel zijn van de sportman. Neelie deugt dus niet voor haar werk. Ook bestaat de mogelijkheid, dat Neelie niet impulsief, maar gewoon berekenend haar beslissing heeft genomen. In dat geval, spoort Neelie niet helemaal en zet zij zichzelf 'te kijk'.
Een leuke briefwisseling hebben we destijds gevoerd met drs. Pieter Zevenbergen Hij was jarenlang voorzitter van de KNWU en is daar nu vice-voorzitter van. Een integer mens, dat kan een ieder beamen. Daarnaast heeft hij ook nog een heel belangrijke functie binnen de UCI.
Onze correspondentie had betrekking op de schorsingsaffaire in 1992. Jaarlijks worden er talloze renners geschorst, maar bij mij nam Pieter de tijd om een 'persoonlijke brief' te sturen. Ondanks dat hij - volgens sommigen - de schorsing steunde en wellicht stimuleerde, siert het zijn inzet en moraal, dat hij de moeite nam om een brief 'op persoonlijke titel te verzenden. Over Pieter dus niets dan goeds. Toen Pieter de editie 94 onder ogen gekregen had, schreef hij op 4 maart 1994 het volgende - met de hand geschreven - briefje:
Geachte heer Zomer.
Hartelijk dank voor het toezenden van Wielerexpress'94. waarmede U mij werkelijk
een plezier hebt gedaan; ook met de inhoud! Het is jammer, dat we in hef verleden
niet veel verder zijn gekomen dan wat ‘onvriendelijke' brieven over en weer.
De wielersport verdient meer! Wie weet, is er in de nabije toekomst nog een
mogelijkheid om daar wat aan te doen. Mijn uitnodiging staat, en gaarne houd
ik mij aanbevolen voor een ontmoeting.
Wat een prachtige foto trouwens van Rini Wagtmans op de omslag.
Groetend,
Pieter Zevenbergen, vice-voorzitter KNWU.
De brief van Pieter is klasse, maar zet ons ook aan het denken. Voorheen werd schrijver dezes geschorst, omdat hij volgens artikel 'zoveel': 'De KNWU in geschrift schade had toegebracht'. Neelie is ook een KNWU-wezen, dus zal zich (waarschijnlijk) ook eerst tot 'haar bond' gewend hebben (nemen we aan). Steunde de KNWU haar in dit geval niet? Waren ze het eens met WE? Dachten de KNWU-bestuurders bijvoorbeeld: 'Bekijk jij het maar Neelie je hebt niet alleen Ton Gieske beschadigd, maar ook het aanzien van de juryleden.'
Neelie heeft in ieder geval op persoonlijke titel een onderzoek laten instellen naar de 'kwalijke praktijken van WE'. Wie zal dat allemaal gaan betalen? WE, als Neelie het wint? Moet WE dan 'bloeden'. Maar wat als Neelie ongelijk krijgt en de rechter denkt 'Waar maakt zo'n mens zich druk om?'
De KNWU stelde destijds, dat het reptielenverhaal (WE'92) beledigend was als dat zo is dan is het verhaal van de 'turbodildo' (WE'94) toch minstens zo beledigend. Of kan het ook zo zijn, dat drs. Pieter, heerlijk heeft liggen 'smullen' van het verhaal over zijn Neelie'. Misschien dacht hij - en anderen: 'Eindelijk eens iemand, die dat mens de waarheid vertelt!' Pieter schrijft (ongeveer) letterlijk, dat hij: 'met plezier de inhoud gelezen heeft' Hij heeft dus waarschijnlijk zitten (liggen) schaterlachen, toen hij las, dat Neelie een - spontaan - orgasme kreeg op de jurywagen'.
Wat was nu eigenlijk de feitelijke aanklacht van Neelie. In het kort gezegd, komt dat op het volgende neer:
'In Wielerexpress wordt gesuggereerd, dat ik sexsuele tekortkomingen probeer te compenseren via de wielersport'
We hebben reeds geschreven, dat de beeldspraak van een bepaalde rubriek(column) niet letterlijk genomen moet worden. Neelie doet dit wel. Hierdoor wordt een veronderstelling, een waarheid! Neelie maakt van een symbolisch 'iets', een vaststaand feit! Een aanklacht moet toch immers gebaseerd zijn op feiten? Als er 'bepaalde dingen' in WE'94 gesuggereerd werden, dan heeft Neelie door haar aanklacht aangetoond, dat deze suggesties 'actieve daden' kunnen zijn. Wil dat iets zeggen over 'geklooi op een jurywagen', of over een 'amoureuze verhouding met het KNWU-reglementenboek?'
Neelie's aanklacht toont aan, dat een vrouw 'bevredigd kan worden via haar functie als jurylid'. Daar is immers haar aanklacht op gebaseerd! Door de aanklacht van Neelie loop ik het gevaar dat mijn vrouw ook 'een cursus gaat volgen voor jurylid'.